Archief voor juli 2010

Onderzoek: Beademen verbetert uitkomst reanimatie niet

30 juli 2010

Als omstanders beginnen met reanimeren, maakt het voor de overleving van de patiënt niet uit of zij wel of niet beademen. Ook de neurologische uitkomst wordt er niet beter op. Dit blijkt uit twee onderzoeken die in The New England Journal of Medicine verschenen. 

In beide onderzoeken werden de omstanders die om een ambulance verzochten wegens een hartstilstand bij een persoon, in twee groepen ingedeeld. De helft kreeg de instructie om zolang de ambulance nog niet was gearriveerd, alleen borstcompressies toe te dienen. De andere helft moest daarbij ook beademen. Leif Svensson c.s. vergeleken vervolgens tussen beide groepen de overleving na 30 dagen. Thomas Rea c.s. keken naar het percentage patiënten dat het ziekenhuis levend verliet en naar de neurologische uitkomst. In alle gevallen was er geen significant verschil. In de studie van Rea c.s. was er wel sprake van een trend waarbij alleen compressie voordelig lijkt als er sprake was van een cardiale oorzaak van de hartstilstand. En andersom: bij een niet-cardiale oorzaak leek er voordeel als er wél werd beademend.

In een begeleidend commentaar wijst Myron Weisfeldt ook op die trends. Dat zou volgens hem verder moeten worden uitgezocht. Ook zou hij willen weten hoe het zit met ambulancepersoneel: maakt het bij hen wél uit of ze niet of wel beademen.

Maar ook hij is het eens met de Svensson c.s. en Rea c.s., die zeggen dat kan worden overwogen om leken alleen borstcompressies te laten doen. De combinatie van mond-op-mond-beademing én hartmassage is immers moeilijker aan te leren en uit te voeren. Toch vindt Weisfeldt het belangrijk dat ook leken leren beademen, omdat dat van cruciaal belang kan zijn als de ademhaling de oorzaak van de ellende is. Vooral bij kinderen is dat vaak het geval.

Bron: Medisch Contact

Oorspronkelijke bronnen: N Engl J Med 2010; 363: 423-33: CPR with Chest Compression Alone or with Rescue Breathing
en 434-42: Compression-Only CPR or Standard CPR in Out-of-Hospital Cardiac Arrest
en 481-3: In CPR, Less May Be Better

Reanimatierichtlijnen 2010-2015

21 juli 2010

Op 18 oktober dit jaar zullen de reanimatierichtlijnen 2010 bekend worden gemaakt op het internet. Deze reanimatierichtlijnen voor de komende 5 jaar worden dan verder toegelicht tijdens het congres van de European Resuscitation Council (2-4 december in Porto), en vervolgens zullen deze richtlijnen ook in Nederland worden geïntroduceerd op 19 januari 2011 tijdens het Implementatiecongres van de NRR.

Wat is er te verwachten? Op dit moment is er nog niets zeker, en de kans dat er bepaalde zaken uitlekken is niet groot, maar de volgende punten staan ter discussie, en worden wellicht aangepast in de volgende richtlijnen:

  • Hoe diep moet men de borstkas indrukkken tijdens een reanimatie? Er zijn signalen dat er dieper gedrukt moet gaan worden, en dat de nadruk extra komt te liggen bij de manier van het “loslaten” dus het omhoog laten komen van de borstkas;
  • Komt het beademen helemaal te vervallen, en blijft alleen hartmassage over? De afgelopen maanden is er al veel ophef geweest in de media over deze “CPR Only” techniek, zie ook dit bericht. De American Heart Association in de VS heeft deze techniek in principe al heel positief benaderd. Maar de vraag is of deze techniek geschikt zal zijn voor alle landen in de wereld. In Nederland kennen we bijvoorbeeld al een heel hoog niveau van reanimeren door inwoners, en er zijn aanwijzingen dat deze CPR-only techniek dan juist averechts werkt!
  • Welk energieniveau van de AED wordt geadviseerd? De afgelopen jaren is de techniek van de defibrillatie van de AED veranderd van een monofasische schok naar een bifasische schokgolf. Hiermee kan met een lager aantal Joules hetzelfde effect worden bereikt. Vroeger werd er bijvoorbeeld 360 Joules monofasisch door de defibrillator afgegeven, een schok van 200 Joules bifasisch geeft minder schade aan het hart, en is net zo effectief. Maar hoe hoog zal men kunnen gaan? Is een schok van 360 Joules bifasisch ook beter dan 200 Joules bifasisch? Naar verwachting komen hier ook nieuwe richtlijnen voor, gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek. De uitkomsten kunnen wel eens zeer veel teweeg brengen onder AED-fabrikanten, als blijkt dat sommige AED’s niet aan de nieuwe richtlijnen zouden kunnen voldoen…
  • Vanaf welke leeftijd mag een AED worden toegepast? Op dit moment geldt dat bij kinderen van 1-8 jaar er met de AED gedefibrilleerd mag worden, bij voorkeur met speciale kinderelektroden. Tevens geldt dat kinderen tot 1 jaar niet gedefibrilleerd worden met een AED. Er zijn echter situaties beschreven waarbij defibrillatie van een zuigeling wel degelijk succesvol is geweest. Daarnaast blijkt er momenteel bewijs te zijn voor het feit dat het gegeven aantal Joules bij kinderen (50 – 86 Joules bij AED’s) mogelijk te laag is. Misschien dat voor oudere kinderen het effectiever zal blijken te zijn om de volwassen elektroden te gebruiken in plaats van de kinderelektroden.

Uiteraard houden we u via het AED-blog op de hoogte zodra er nieuwe ontwikkelingen zijn!